Is dit poep van een lynx of van een ander dier? Frans denkt het te weten

zaterdag, 2 mei 2026 (08:36) - Omroep Brabant

In dit artikel:

Boswachter Frans Kapteijns beantwoordt in zijn wekelijkse Stuifmail vragen van lezers over waarnemingen in de natuur. Deze aflevering behandelt onder andere de herkomst van uitwerpselen in Zweden, bescherming van insectenhotels tegen dieven, een parend paar lentelangpootmuggen, waarneming van een bonte vliegenvanger bij een nestkast en een grote spin bij een voordeur. Lezers kunnen vragen insturen en meedoen aan een prijsvraag waarvoor de winnaar bloemzaad ontvangt; het antwoord op de Stuifmailvraag (waarom sommige vennen in Brabant ‘goorven’ heten) wordt zondag tussen 11 en 12 uur bekendgemaakt.

Uitwerpselen in Zweeds bos
Een ingeplakte foto uit Zweden bracht de vraag op welk dier verantwoordelijk is voor de keutels. Kapteijns mist een maatstaf op de foto, maar vindt de uitwerpselen meer vegetarisch van aard dan vleeseters: geen haren en wel langwerpig van vorm. Hij wijst op de auerhoen (capercaillie) als waarschijnlijke afzender: de soort produceert vaak 4–8 cm lange, worstvormige keutels met een wit uiteinde (urinezuur) en naaldresten, meestal gevonden bij slaapbomen. Als alternatief noemt hij het korhoen, dat ook in Zweden voorkomt.

Insectenhotel beschermen tegen koolmezen
Koolmezen blijken inventief genoeg om gaten in insectenhotels leeg te halen. Een effectieve maatregel is het ophangen van een beschermend gaas op ongeveer tien centimeter afstand van de invliegopeningen, zoals een lezer voorstelde. Een andere strategie is het afleiden van de mezen: voerplaatsen met vetbollen of ander voer op een andere plek in de tuin kunnen de druk op het hotel verminderen.

Lentelangpootmuggen in paring
Een ingezonden foto bleek een parend stel lentelangpootmuggen. Volwassen dieren verschijnen van april tot juni en voeden zich met nectar; de larven leven in de bodem en vreten wortels van grassen. Kenmerken zijn tot circa 19 mm lengte bij vrouwtjes, grijsgetinte kop en borststuk, heldergroene ogen en opvallende donkergekleurde vleugeladers. Ze worden vooral aangetroffen in vochtige moerasgebieden en vochtige bossen.

Bonte vliegenvanger bij nestkast
Een lezer fotografeerde een vogel bij zijn nestkast; Kapteijns bevestigt dat het om een bonte vliegenvanger gaat. De soort broedt op meerdere plekken in Nederland, vooral op de hoge zandgronden: recent onderzoek schat rond de 26.000 broedparen (2018–2020). Mannetjes en vrouwtjes lijken veel op elkaar qua verenkleed; zang verraadt meestal het mannetje. Het dieet bestaat uit vliegen en andere insecten (muggen, libellen, vlinders, oorwurmen, sprinkhanen). Bonte vliegenvangers overwinteren in West-Afrika en leggen daarmee duizenden kilometers af.

Grote spin bij de voordeur
Een ingezonden donkere foto leidde tot de vermoedelijke determinatie: valse wolfspin. Kapteijns voegt een referentiefoto toe omdat de donkerte veel kenmerken verbergt. Vrouwtjes worden bijna 2 cm, mannetjes tot circa 13 mm; de soort is oorspronkelijk Mediterraan maar breidt zich noordwaarts uit en jaagt op insecten onder stenen of boomschors in bosgebieden.

Deel twee van deze Stuifmail verschijnt zondagochtend; reacties en vragen kunnen naar Kapteijns worden gestuurd via het bekende e‑mailadres.