Dit dier heeft grijpkaken waarmee hij z'n prooi in stukken knipt
In dit artikel:
Boswachter Frans Kapteijns beantwoordt vragen van lezers en bespreekt deze week verschillende waarnemingen uit Brabant en daarbuiten.
Kevers bij de meren van Ossendrecht
Marianne Wijten stuurde foto’s van twee kevers. De eerste is een driehoornmestkever: een heide- en bossoort die bolletjes mest rolt (konijnenkeutels zijn favoriet), waarna mannetje en vrouwtje een verticale gang tot wel zestig centimeter diep graven met zijgangen. De mestballetjes worden daar als voorraad geplaatst en de eieren enkele centimeters ervan af gelegd; de larven moeten zichzelf een weg naar het voedsel banen voordat ze verpoppen en later via de centrale gang tevoorschijn komen. De tweede kever is een groene zandloopkever, een snelle jager die zowel kan rennen (tot circa 8 km/u) als vliegen. Deze loopkevers achtervolgen vooral mieren en grijpen prooien met krachtige kaken.
Vragen over een boomstomp en kringgroei van bomen
Bloem Nora vroeg of een bepaalde boomstomp natuurlijk gevormd is en waarom bomen soms in ringachtige groepen groeien. Kapteijns vermoedt dat het afgebeelde stompdeel is doorgezaagd: wat overbleef is schors, basthout en kernhout; het levende weefsel ontbreekt. De schijnbare ‘kring’ van stammen bleek in veel gevallen het resultaat van zandverstuiving: een deel van een stam kan geheel onder zand raken terwijl takken boven het zand blijven doorgroeien. Zulke verschijnselen komen veel voor in gebieden als de Loonse en Drunense Duinen, waar bomen soms meters diep bedolven raken.
‘Sprietje hooi’ = vedermot
Een waarneming van Liesbeth van de Nieuwenhof — een klein insect dat op een sprietje lijkt — wordt door Kapteijns geduid als een vedermot (waarschijnlijk windevedermot). Vedermotten (familie Pterophoridae) hebben diep ingesneden voor- en achtervleugels en nemen in rust een kenmerkende T‑houding aan: de afgerolde vleugels staan van het lichaam af, wat uitstekende camouflage in grasland geeft. Veel vedermotten overwinteren als volwassen dieren en zijn het grootste deel van het jaar te zien.
Vreemde gasten op een insectenhotel: Franse veldwesp
Pieter Emmen vond Franse veldwespen op zijn balkonhotel en vroeg of hij ze moest toelaten. Kapteijns legt uit dat deze wespen (Polistes-soorten) normaal gesproken losse, kleine nesten bouwen en niet in insectenhotels huizen. Ze voeden hun larven met gevangen insecten en als volwassenen leven ze van nectar en zoete afscheidingen; ze jagen primair op andere insecten en zijn relatief niet-agressief naar mensen (maar kunnen steken). Koninginnen overwinteren vaak in hout of gebouwen. Of ze permanente bewoningsplekken van insectenhotels usurperen is niet duidelijk.
Foto’s en natuurtip
Theo Zelen fotografeerde op camping Klein Vink in Arcen de fraaie vliegensoort het gevlekt blaaskaakje. Als natuurtip kondigt Kapteijns een gratis natuurwandeling in Nuenen aan op vrijdag 24 april (14:00–16:00), vertrekpunt Van Gogh Village Museum; de route is ongeveer 3,5 km en deelname vereist geen aanmelding.
Lezers kunnen hun natuurvragen blijven sturen naar de vaste contactmogelijkheid van de rubriek.